Als je ze al ergens in een vakje kunt onderbrengen, dan passen de Ducati XDiavel V4 en de Triumph Rocker 3 Storm R misschien nog het best bij de powercruisers, al laten deze twee krachtpatsers zich liever helemaal niet in een hokje plaatsen. Rest de vraag: valt er nog een beetje mee te rijden ook?
Ducati XDiavel V4
De Ducati XDiavel V4 is natuurlijk volledig over de top, een soort mengelmoes van sensualiteit en motorische overkill. Tegelijk gespierd en aantrekkelijk, zeker nu de V2 vervangen is door de V4 in zijn GranTurismo-versie; 168 pk stuurt die krachtbron naar de al even indrukwekkende 240 mm achterband met daartussen een rijwielgedeelte dat ook niet meteen is te bestempelen als ‘half werk’. De upside-down vork is niet alleen volledig instelbaar, de vorkpoten hebben een diameter van zomaar eventjes vijftig millimeter.
De rest van de technische gegevens laat zich ook lezen als een gevalletje van ‘mag het iets meer zijn?’; 29° balhoofdhoek, Brembo Stylema remklauwen, 1.620 mm wielbasis en 229 kilo droog. Het 6,9” TFT-dashboard (da’s een schermdiagonaal van een flinke 17,5 cm) heeft de aparte 8:3-verhouding en is onder alle lichtomstandigheden goed afleesbaar. Met een benzinemeter was het helemaal af geweest.
De bediening van de karrenvracht aan elektronische systemen gebeurt met twee tuimelschakelaars op de linker stuurhelft en heb je zo in de vingers. De vier monden van de uitlaatdemper lijken wel een soort van machinegeweer dat ongenadig de decibels op je trommelvlies zal afvuren, al is ook hier Euro5+ onverbiddelijk geweest en blijft het op akoestisch vlak een stuk tammer dan de looks doen vermoeden.
Rauw kantje
Beide machines hebben het zadel op een toegankelijke 77 centimeter, al pak je de XDiavel gemakkelijker beet, met dank aan het lagere gewicht. Al wil dat niet zeggen dat de XDiavel makkelijker in de omgang is dan zijn Britse concurrent. Onder de vierduizend toeren is de V4 niet de vriendelijkste krachtbron van de planeet en het bijzonder brede stuur verplicht kleinere motorrijders bij krappe manoeuvres tot enige creativiteit, de kans bestaat immers dat je armen niet lang genoeg zijn.
Hoewel je er als motorrijder van moet houden om aan het stuur van deze machines van op elk terras te worden nagewezen, is het eenmaal voorbij dat flaneertempo dat de Ducati echt in z’n element is. Het eerste rechte stuk volstaat om het werk van de motoringenieurs volledig te appreciëren, het feit dat je met de armen en benen vooruit zit geeft het snelheidsgevoel een extra dimensie. De voetsteunen mogen dan in drie posities instelbaar zijn, je voeten zitten in elk van de drie instellingen een eind verder voor je uit dan op de Triumph.
Je stuitje zal blij zijn met flink gekuipte zadel want uiteindelijk is alle steun die je kan vinden broodnodig om je schrap te kunnen zetten voor de G-krachten die bij een dergelijke versnelling vrij komen. Leukste is om een bestuurder van een sportwagen in je spiegels wat dichterbij te laten komen, waarna je naar derde versnelling terugschakelt en net op het moment dat hij de 240 mm Pirelli Diablo Rosso III kan bewonderen de 168 paarden vol aan het werk zet. Ciao!
Comfortabel knallen
Zoek je de stuurweggetjes op, dan legt de Ducati de Triumph redelijk hard op de pijnbank. Essentieel hierin is het gewichtsverschil van ruim zeventig kilo. Waar het brede stuur bij krappe manoeuvres letterlijk wat in de weg zit, helpt bij het écht motorrijden om de XDiavel van de ene apex naar de andere te mikken.
Afgekeken van de supersportieve motoren bewijst de contraroterende krukas in de Granturismo V4 haar waarde bij het insturen van de bochten. Van serieus ‘doorduwen’ is nauwelijks sprake, toch knap gezien het dikke 1.158cc slagvolume. Opmerkelijk aan de XDiavel is daarnaast dat de achtervering – ondanks de afwezigheid van een linksysteem – toch bijzonder efficiënt voor de dag komt en daar profiteer je als eerste stuurman uiteraard van.
Je hoeft ‘m niet, maar wil ‘m wel
Alles bij elkaar is de XDiavel een motor die onder je huid kruipt, zoals testcollega Axel het kort samenvat. “Voor mij draait motorplezier om eenvoud: een lichte, goed uitgebalanceerde motor met net genoeg paardenkracht, meer heb ik niet nodig om mij te vermaken. Ik hoef geen drieduizend elektronische vangnetten of een dashboard dat ik aan mijn telefoon kan koppelen. En toch heb ik van elke meter aan het stuur van de XDiavel genoten. Zoals een kind dat een veel te groot stuk taart opschept en tot de laatste kruimel naar binnen werkt, zo heb ik de XDiavel helemaal verslonden. Dit is een pure sensatiebak.”
+ Prestaties
+ Wendbaarheid
+ Verrassend comfortabel
– Kost een fortuin
– Afwerking kon beter
– V4-sound ontgoochelt wat
Ducati XDiavel V4 1.158cc V4 Granturismo • 168 pk @ 10.750 tpm • 126 Nm @ 7.500 tpm • 229 kg • 20 l • € 35.590,- (B: € 30.890,-)
Triumph Rocket 3 Storm R
Zien de technische gegevens van de XDiavel er indrukwekkend uit, in Hinckley lachen ze om dergelijk kinderspel. De rijklare 245 kilo’s van de Italiaan zijn peanuts in vergelijking met de 317 kilo Brits staal die de Rocket 3 Storm R op Moeder Aarde zet, met als centraal aandachtspunt de monsterachtige driecilinder van 2.458cc, de grootste krachtbron in een productiemotor ter wereld. Maar het wordt nog indrukwekkender. Met zijn 182 pk overklast de Brit zijn Italiaanse opponent en haal je er de koppelwaarden bij, dan wordt het verschil gi-gan-tisch: 225 Nm voor de Triumph tegenover 126 Nm voor de Ducati.
Waar de technische gegevens van de Storm zich laten lezen als de menukaart van een ‘all you can eat’ restaurant (waar je per definitie dus nooit alles op krijgt), dan is de afwerking van het Britse copieuze maal om de vingers bij af te likken. Geen enkele slecht geplaatste leiding, geen enkel onafgewerkt detail dat de kwalitatieve aanblik van het geheel afbreuk doet: met de Storm R kan Triumph de meest veeleisende klanten overtuigen.
Ook de Brit trekt ten strijde met een 240 mm achterband, die net als bij de Ducati aan een enkelzijdige achterbrug is gekoppeld. Wel anders en handig aan de Triumph: een onderhoudsarme cardanaandrijving. Onder die cardan zit trouwens – een beetje discreet weggestopt – de derde uitlaat, de twee andere kachelpijpen hangen aan de rechterkant wel vol in het gezicht.
We gaan naar de maan
Het 100% digitale dashboard is kantelbaar en ziet er weliswaar netjes uit, het loopt niet over van de creativiteit en ook de leesbaarheid had beter gekunt, er staat nogal veel info op een kleine oppervlakte. De bediening van de unit is wel gebruiksvriendelijk. Het opstarten van de gigantische driecilinder zorgt voor een kleine ontgoocheling.
Gezien het ‘in your face’-gehalte van de motor hadden we ook een wat meer ‘in your ear’-uitlaatsound verwacht. Zeker stationair klinkt het zelfs redelijk braaf. Komt de Italiaanse V4 pas helemaal tot zijn recht als je hem tot wat toeren dwingt, op de Triumph krijg je vanaf de eerste omwenteling het gevoel dat je richting de maan wordt gekatapulteerd. En ja, dat is verslavend.
Geef in derde versnelling bij tweeduizend toeren een flinke draai aan het gas en je voelt je tussenwervelschijven samengedrukt worden. Dat spelletje is leuk tot de eerste bocht zich aandient en de paniek toeslaat. Want je wéét hoe hard je aan het rijden bent en je wéét met hoeveel kilo’s je onderweg bent, dus je wéét dat het volgens de wetten van de fysica niet goed kan aflopen. Vanuit een overlevingsreflex gooi je je op de remmen en gebeurt er opnieuw iets magisch, met dank aan de Brembo-ingenieurs. Hun Stylema-remklauwen slagen erin om deze kanonskogel met een verbluffend gemak en sereniteit af te remmen.
Elke dag show
Ook aan het stuur lijkt het alsof je met een ruimteschip onderweg bent want de motor ziet er niet alleen lang uit, hij is het ook. En toch mag je dat niet als een kritiekpunt beschouwen want rijden met de Triumph Rockets 3 Storm R is een aparte beleving. Deze motor laat niemand aan het stuur onbewogen en bewijst vanaf de eerste meters dat dit niet zomaar een concept bike is die gebouwd is om te paraderen van de ene pub naar de andere.
De gigantische driecilinder is simpelweg uniek: krachtig, karaktervol en in alle betekenissen van het woord grensverleggend. Minstens even indrukwekkend is de wendbaarheid van dit slagschip. De Rocket heeft uiteraard niet de lichtvoetigheid van het zeshonderdje waarop je je rijbewijs hebt gehaald, de Triumph maakt wel indruk met zijn wendbaarheid en hoe uitgebalanceerd hij aanvoelt.
De souplesse van de krachtbron helpt daarbij, ongeacht de versnelling kan je laagtoerig puur op koppel door het verkeer surfen en genieten van alle aandacht die de Rocket 3 Storm R als een spons opzuigt. Met dank aan dat immense koppel kan je de Rocket ook probleemloos voor je dagelijkse verplaatsingen gebruiken want hoewel hij er gigantisch uitziet, rijdt hij super gemakkelijk.
Comfort en snelheid
Op een bochtige weg kan je met de Triumph best een stevig tempo rijden, met dank aan het immense koppel dat je van bocht naar bocht stuwt, de indrukwekkende remmen en het volledige elektronicapakket dat op discrete, maar efficiënte wijze als een engelbewaarder op je schouder meereist. Als het hard gaat, is de Ducati echter sneller dan de Triumph en ook op vlak van comfort kan de Brit geen gelijke tred houden met zijn Italiaanse concurrent.
Daarvoor is niet alleen de veerweg van de Rockt 3 Storm R te beperkt (107 tegenover 145 mm), de achtervering mist ook progressiviteit. Je kan gelukkig wel de uitgaande demping en de veervoorspanning (met een externe regelknop) aanpassen, gezien de omvang en het gewicht van de Triumph moet je de boel redelijk strak opschroeven want anders zit je zo door de veerweg heen.
+ Verslavende krachtbron
+ Piekfijne afwerking
+ Verrassend dynamisch
– Achtervering beetje gevoelloos
– Duur
– Dorstig
Triumph Rocket 3 Storm R 2.458cc drie-in-lijn • 180 pk @ 7.000 tpm • 225 Nm @ 4.000 tpm • 317 kg • 18 l • € 31.195,- (B: € 26.695,-)
Conclusie
De Ducati XDiavel V4 en de Triumph Rocket 3 Storm R mogen dan wel een grote mond hebben, het zijn motoren die veel meer te bieden hebben dan enkel dat stoere uiterlijk. Lijken het in eerste instantie machines om mee te flaneren en te paraderen, er val wel degelijk serieus mee te rijden.
De XDiavel laat het sportief potentieel van de V4 helemaal tot zijn recht komen in een verbluffend wendbaar, levendig en precies rijwielgedeelte. Iedere bochtige weg is een excellent speelterrein, al wil je op de snelweg liefst zo weinig mogelijk tijd doorbrengen want dan werken de afwezige windbescherming en de uitgesproken zithouding tegen.
Wel jammer dat Ducati op vlak van afwerking hier en daar kostbare punten laat liggen, gezien de aanschafprijs mag je als potentiële klant een onberispelijke motor eisen. Op dat vlak scoort de Triumph een stuk beter en de balans prijs/kwaliteit helt nog verder in de richting van de Brit over als je weet dat hij een stuk goedkoper is dan de Italiaan.
Oké, ‘goedkoop’ kan je een Rocket 3 Storm 3 niet noemen, maar je krijgt er wel wat voor in de plaats. Neem de piekfijne afwerking, een unieke krachtbron en een pak sensatie zonder dat je daarbij ooit de indruk krijgt dat de Rocket niet opgewassen is tegen zijn taak. Twee motoren voor sensatieverslaafde motorrijders, waarvan er toch eentje écht ons hart heeft gestolen: de Triumph Rocket 3 Storm R.
Tekst Thomas Chignac • Fotografie Grégory Mathieu