In deze rubriek halen we herinneringen op over de coureurs die je niet op de cover van de geschiedenisboeken terugziet. Prominente rijders die, om wat voor reden dan ook, hun talent niet wisten om te zetten in de glorie die hun concurrenten wel genoten.
Met het nieuws dat de Franse EWC-coureur Sylvain Guintoli momenteel aan het trainen is om in april de marathon van Londen te lopen in een volledig lederen racepak, konden we niet anders dan hem deze keer de titel van ‘runner-up’ te gunnen. Met een goede reden overigens: hij loopt die marathon om geld in te zamelen voor onderzoek naar kinderkanker, een ziekte waar zijn zoontje Luca in juli van dit jaar op zesjarige leeftijd aan overleed.
In het jaar 2000 maakt Guintoli zijn GP-debuut tijdens de GP van Frankrijk in de 250cc-klasse voor het Franse team Équipe de France (what’s in a name?). Het jaar daarop is hij vaste coureur voor datzelfde team, met naast hem in de box Randy de Puniet. Zijn beste resultaat is een vierde plaats in de Dutch TT en hij eindigt het kampioenschap van dat jaar als veertiende. Hoewel die resultaten niet indrukwekkend zijn, mag hij in 2002 als testrijder aan de slag voor het Yamaha Tech 3-team in de MotoGP. Zijn eerste MotoGP-race rijdt hij in datzelfde jaar in Tsjechië. In 2003 keert hij echter terug naar de 250cc-klasse waar hij tot en met seizoen 2006 blijft rondsjezen in de hogere regionen van het middenveld.
In 2007 treedt de man uit Montélimar aan als vaste rijder voor het Yamaha Tech 3-team in de MotoGP, wat hem, op een sleutelbeenbreuk na, aardig afgaat. Een jaar later racet hij op een Ducati Desmosedici voor het Alice Team en doet het op zich niet verkeerd. Hij rijdt alle achttien de Grote Prijzen uit en finisht slechts één keer buiten de punten. Zijn ploegmaat Toni Elias presteert echter een stuk beter zodat Guintoli al na één jaar mag opkrassen.
De Fransman steekt dan maar het Kanaal over en treedt in 2009 voor Crescent Suzuki aan in het British Superbike kampioenschap. Hij wint zijn eerste wedstrijd in dat kampioenschap (op Brands Hatch) en wordt in de tweede race tweede. Goed begonnen is voor Guintoli evenwel niet hetzelfde als half gewonnen want in de derde race crasht hij met een ingewikkelde beenbreuk als gevolg. In 2010 verhuist Guintoli naar het WK Superbike waar hij in 2013 derde wordt in het eindklassement en in 2014 dan eindelijk kampioen. In het eerste jaar dat hij zijn geluk beproeft in het WK Endurance, wordt hij direct kampioen met Suzuki.
De twee jaar daarna eindigt hij steeds als tweede, waarna hij in 2024 de overstap naar het BMW Motorrad World Endurance Team maakt in de hoop op meer geluk. In 2024 wordt het team derde, wat dezelfde uitslag is als in 2025. Het meest memorabele moment van dit seizoen is een dramatisch technisch probleem in de Bol d’Or, in het laatste halfuur van de 24 uursrace, terwijl het team lijkt te gaan winnen.
Foto: Gold and Goose